Blog

Blog Freddy Weima | Twee brieven

Freddy Weima
Voorzitter

Freddy Weima

Er is hard doorgewerkt in de herfstvakantie. Afgelopen vrijdag werd de Tweede Kamer verblijd met twee brieven van het ministerie. Eén over de basisvaardigheden en één over de lerarenstrategie. Topprioriteiten van onze regering, en dat is volkomen terecht.

Je zou zeggen: moet dat niet één brief zijn? Zonder goede leraren is het immers onmogelijk om taal en rekenen op onze scholen duurzaam te verbeteren. Een goede samenhang tussen de aanpak voor basisvaardigheden en voor de arbeidsmarktproblematiek is essentieel.

Maar goed: het zijn er dus twee  En ze lijken door twee verschillende ministeries geschreven.

In de brief over de basisvaardigheden is het alsof de minister in splendid isolation opereert. Alsof er niet nog maar een jaar geleden een Nationaal Programma Onderwijs van start ging en alsof scholen en hun organisaties niet ook al jaren intensief werken aan kwaliteit. Schoolbesturen nemen daarvoor hun verantwoordelijkheid en willen daarin dolgraag samenwerken met dit ambitieuze kabinet. In de brief wordt net gedaan alsof ze niet bestaan.

Sowieso baart de huidige aanpak voor de basisvaardigheden zorgen. Er is sprake van een masterplan, maar dat veronderstelt een duurzame visie van het kabinet, tot stand gekomen in samenspraak met de sector. Op basis van die visie wordt gewerkt aan de broodnodige versterking van de basisvaardigheden, over een periode van minstens tien jaar. In plaats daarvan is er een subsidieregeling met toekenning via loting en komen er rechtstreeks vanaf het ministerie basisteams die ‘echte hulp’ gaan bieden.

Scholen hebben eigenlijk geen behoefte aan dit soort hulp op afstand.  Ze willen daadwerkelijk langjarige versterking, toereikende bekostiging, goede mensen die collega’s zijn. En – zie mijn vorige blog – fatsoenlijke gebouwen.

Ook bijzonder: in de brief wordt gezinspeeld op een aparte regeling voor de zeer zwakke en onvoldoende scholen. Maar die is er al, nota bene gefinancierd door datzelfde ministerie: het programma Goed worden, goed blijven. Het bestaat al sinds 2009, heeft zo’n 700 scholen geholpen om de kwaliteit op orde te brengen en is keer op keer positief geëvalueerd.

Dan de brief over de lerarenstrategie. Die getuigt van aanmerkelijk meer partnerschap. De beroepsgroepen en besturen worden hier niet verzwegen en er wordt ingegaan op de dilemma’s waar de sector mee kampt. Ook opvallend: de brief is in de wij-vorm, waar het bij de basisvaardigheden vaak ‘ik’ is. In plaats van een juichende wordt een realistische toon aangeslagen.

De ministers van en voor Onderwijs stellen zich kwetsbaar op in de lerarenbrief. Ze zien dat het tijd is voor fundamentele keuzes. Over onderwijstijd, over opleidingen, over regionale samenwerking. En ze erkennen dat dit ongemakkelijke vragen oproept. Keuzes die we ‘eerlijkheidshalve nu al te lang niet hebben gemaakt’.

De brief bevat een warm pleidooi voor regionale samenwerking en durft de vraag te stellen hoever we daarin willen gaan. In dat verband kan ik het rapport ‘Denken, doen en doorpakken in de regio’ van harte aanbevelen. Hierin zijn professionals uit de praktijk, bestuurders en wetenschappers tot een aantal sterke aanbevelingen gekomen. Een hele belangrijke is om tot regiodeals te komen: afspraken over middelen en regelruimte tussen regio’s en Rijk.

Het is belangrijk dat we binnen afzienbare tijd het debat over die fundamentele keuzes voeren. In de sector, de samenleving en de politiek. Het moet leiden tot een lange termijnaanpak die door de scholen, de beroepsgroepen en de overheid wordt gedragen. En die wat mij verder gaat dan het leraren- of het arbeidsmarktbeleid alleen. Ook de aanpak voor de basisvaardigheden hoort daarbij. Zijn we meteen af van de tijdelijke subsidies en de lotingen.

Als ik mag kiezen tussen de twee ministeries, dan graag die van de fundamentele keuzes en niet die van het ogenschijnlijk snelle succes.

Blog Freddy Weima over onderwijshuisvesting